Zoals bij zoveel mensen vond ook Mark zichzelf pas werkelijk toen alles aan duigen lag. De mens is, net als alles in de natuur, een voortdurende cyclus van verval en wederopbouw. Die wet gold voor Mark net zo. Eerst moest alles verdwijnen voordat er ruimte zou ontstaan voor iets nieuws. Tussen de mangrovebossen en kokospalmen van Gili Meno was hij even de belichaming van de Lonely Planet geworden. Alleen in zijn eigen wereld, met veel bladzijden aan verhaal. Helaas even niemand die het kon of wilde lezen. Dat zou allemaal anders worden. Alleen wist hij dat toen nog niet.

Zijn verhaal begint 18.619 dagen eerder, op maandag 11 november 1975. Mark wordt dan als nakomertje van Anthony en Suus Stone geboren in het Veerhuis van Oeffelt, aan de westoever van de Maas. Een plek waar mensen voortdurend aankomen en vertrekken. Zijn twintig jaar oudere zus is dan al het huis uit en heeft kleine meiden. Mark wordt daarmee op de dag van zijn geboorte automatisch oom. Zijn zes jaar oudere broer zal zijn grootste speelkameraad worden en hem later meenemen naar vele rockconcerten. Van Halen, Pearl Jam, Rage Against the Machine. Je kent het wel. Het ruige spul.

Het mag een wonder heten dat zijn ouders nog zo laat in hun leven een zoon kregen. Anderzijds was hij simpelweg het vruchtbare bewijs van een liefdevol huwelijk. Jaren eerder hadden zij elkaar ontmoet in Chicago, Illinois, de geboortestad van Anthony. Samen bouwden zij in Nederland een nieuw bestaan op. Moeder werkte met mensen met meervoudige beperkingen, vader bestierde een van de eerste elektronicazaken van Cuijk.

Het ruime appartement boven Hotel-Restaurant 't Veerhuis, het met hout betimmerde trappenhuis achter in het pand, het boothuis ernaast en de uiterwaarden eromheen vormden in die eerste jaren het avontuurlijke domein van de kleine Mark en zijn broer. Ze sliepen samen op de Koninginnenkamer. Die kamer dankte haar naam aan koningin Wilhelmina. In 1944 zou ze er een nacht hebben vertoefd. Niets wees er toen op dat in diezelfde kamer ooit een van Nederlands meest virtuoze bassisten zou opgroeien.

Maar of Wilhelmina daar werkelijk heeft geslapen? Er deden immers wel meer sappige verhalen de ronde. Zo zou het Veerhuis een toevluchtsoord zijn geweest voor de amoureuze escapades van menig Oeffeltse man. Daar kan Wilhelmina toch onmogelijk deel van hebben uitgemaakt.

Ergens tussen al die verhalen en het warme gezinsleven van de familie Stone ontstond Marks eigen verhaal. Een verhaal dat, net als het Hotel-Restaurant, steeds meer werd gekenmerkt door aankomen en vertrekken, ontvangen worden en afscheid nemen. Het jaar 1989 veranderde alles. Zijn moeder overleed aan multiple sclerose. Vader hertrouwde kort daarna. Op school werd Mark het mikpunt van spot. Hij was immers anders. Stil. Hij speelde graag bas, luisterde naar de rockcollectie van zijn broer en droeg lang rood haar, een erfenis van zijn Ierse voorouders aan vaderszijde. Aan de westoever van de Maas was dat in die tijd meer dan abnormaal. Zijn “vriendjes” kwamen vooral bij hem thuis voor de nieuwste spelcomputers die dankzij het werk van zijn vader in huis stonden.

Hij zei hierover: “Toen ik 13 of 14 jaar oud was… voelde ik me helemaal alleen… Ik was alleen, met uitzondering van muziek”

Mark Stone
Mark Stone als kind met Guns N' Roses t-shirt

Mark wist alleen toen nog niet dat sommige periodes in het leven noodzakelijk zijn om verder te komen. Alles van waarde is immers eerst moeilijk voordat het makkelijk wordt. Deze periode bleek uiteindelijk de deur naar plekken waar hij niet langer anders was. Waar hij ontdekte dat er meer mensen waren zoals hij. Gedreven. Getalenteerd. Muzikaal. Virtuoos.

Bands vormden en vielen weer uit elkaar. Optredens in plaatselijke jeugdhonken maakten plaats voor kleinere theaterzalen. Kleinere theaterzalen werden festivals. Oeffelt bleek te klein voor een wereldtour langs Mexico, Thailand en zelfs Kamp Holland in Afghanistan. De band werd groter, de ego’s pompeus. En zoals bij zoveel te snel opkomende acts volgde ook hier het verval. Zowel professioneel als persoonlijk.

Achteraf bezien begon het misschien al met het gezeik over de eis van de zanger dat er in iedere kleedkamer een perfect ronde bitterbal moest liggen. Die eindigde steevast tegen de muur of tegen het bandlid dat in de vuurlinie stond. Uiteindelijk mondde het uit in een gitarist die lag te ketsen met de vrouw van de drummer en een huwelijk van Mark dat op het moment suprême niet doorging. Pak. Jurk. Taart. Hup, alles kon zo de prullenbak in. Dat krijg je als je trioos, quatroos en de vele escapades in talloze hotelkamers niet meer zo heel goed kunt combineren met de agenda thuis.

Over deze episode zegt hij: “Gelukkig zaten we midden in een tour. Dat leverde in ieder geval een sterk verhaal op.”

Wat daarna volgde, was de keerzijde van de wet der natuur. Mark belandde opnieuw in een fase van vertrekken en afscheid nemen. Alleen ging dat proces gepaard met te veel alcohol, drugs en een impulsieve tribal die in een dronken bui op zijn arm belandde.

Uiteindelijk kwam de rust terug. Die vond hij op zijn zeilboot. Ooit in een opwelling gekocht, nu zijn redding. Via Kaapstad, de Indische Oceaan en de Balizee naar Gili Meno. Het Veerhuis aan de Maas, dit Indonesische eiland in de zee, de golven voor de boeg. Water. Overal water. En water stroomt altijd naar het laagste punt. Mark was even op dat laagste punt beland. Maar water vindt ook altijd zijn weg. Ook dat is een wet der natuur. En net als ieder ander mens bestaat ook Mark voor ten minste 60% uit water. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat hij uiteindelijk zichzelf weer terugvond. Niet door iemand anders te worden, maar juist door zichzelf te blijven.

Of zoals hij het zelf op zijn sleeve liet zetten: “Stay True”.

← Our Rockstars